בס"ד
Inleiding
Het doel van dit artikel is om de vraag te onderzoeken of een niet-Jood een tallit (gebedssjaal) mag dragen tijdens het gebed, rekening houdend met de relevante halachische bronnen. Dit roept vragen op over de betekenis van de tallit, de mitswa van tzitzit en de beperkingen die binnen de Joodse traditie gelden voor niet-Joden.
Wat is de definitie van een tallit?
Het gebod van de tallit wordt vermeld in de Tora, in Numeri 15:38-39):
| 38 ‘'Spreek tot de kinderen van Israël en beveel hun dat zij in alle generaties franjes aan de hoeken van hun kleding maken, en dat zij aan elke franje een blauwe draad bevestigen. | לח דַּבֵּר אֶל-בְּנֵי יִשְׂרָאֵל, וְאָמַרְתָּ אֲלֵהֶם, וְעָשׂוּ לָהֶם צִיצִת עַל-כַּנְפֵי בִגְדֵיהֶם, לְדֹרֹתָם; וְנָתְנוּ עַל-צִיצִת הַכָּנָף, פְּתִיל תְּכֵלֶת. |
| 39 En het zal voor jullie een franje zijn, opdat jullie ernaar kijken en alle geboden van Hashem gedenken en ze naleven; en opdat jullie niet jullie eigen hart en jullie eigen ogen volgen, waardoor jullie vroeger afdwaalden; | לט וְהָיָה לָכֶם, לְצִיצִת, וּרְאִיתֶם אֹתוֹ וּזְכַרְתֶּם אֶת-כָּל-מִצְוֺת ד', וַעֲשִׂיתֶם אֹתָם; וְלֹא-תָתוּרוּ אַחֲרֵי לְבַבְכֶם, וְאַחֲרֵי עֵינֵיכֶם, אֲשֶׁר-אַתֶּם זֹנִים, אַחֲרֵיהֶם |
De tzitzit, de franjes aan de hoeken van een kledingstuk, hebben zowel een symbolische als een praktische betekenis. De acht draden en vijf knopen, samen met de numerieke waarde van het woord 'tzitzit' (600), vertegenwoordigen de 613 geboden die aan het Joodse volk zijn gegeven. Het doel van de tzitzit is dat een Jood, wanneer hij ernaar kijkt, eraan herinnerd wordt de geboden te volgen en zich niet te laten misleiden door zijn hart of ogen.1 2
De oorsprong van dit gebod wordt verder uitgelegd in de Sefer HaChinuch (Mitzvah 386):
“De kern van het gebod wordt in het vers onthuld: het is bedoeld om ons voortdurend te herinneren aan alle geboden van God. Er is geen betere herinnering ter wereld dan het dragen van het zegel van de Meester op de kleding die men altijd draagt, aangezien een mens [altijd aandacht besteedt] aan zijn kleding.”
Kunnen de kinderen van Noach andere geboden vervullen en dus een tallit dragen?
De Rambam schrijft in Misjneh Tora (Wetten van Koningen, 10:11):
“Wij belemmeren een Noachiet niet die een van de geboden van de Tora wil nakomen om daarvoor een beloning te ontvangen, mits hij het op de juiste manier uitvoert.”
Deze uitspraak kan op twee manieren worden opgevat:
- Eerste interpretatieDe geboden waarnaar wordt verwezen, zijn uitsluitend die geboden die logischerwijs of praktisch gezien zinvol zijn om na te leven, dat wil zeggen geboden die concrete, materiële voordelen bieden voor het fysieke leven van de persoon. De betekenis van "beloning ontvangen" verwijst in dit geval naar een materiële beloning.
- Tweede interpretatieDe geboden waarnaar verwezen wordt, zijn alle geboden in de Tora, met uitzondering van het naleven van de Sjabbat en het bestuderen van de Tora (zoals vermeld in de vorige wet van de Rambam).
De eerste interpretatie wordt gevolgd in De goddelijke code door Rabbi Moshe Weiner, gebaseerd op een antwoord van Rabbi Moshe Feinsten.
De tweede interpretatie komt voort uit een eenvoudige lezing van het commentaar van Radvaz op de Rambam, waarin hij stelt:
“"En als hij het gebod wil uitvoeren met de gedachte dat hij daartoe (door God) is bevolen, dan staan we hem dat niet toe. Alleen als hij het doet om er beloning voor te ontvangen, zoals iemand die niet is bevolen maar het toch doet."”
Deze mening wordt ondersteund door Sefer Mitzvot Hashem door Rabbi Ionatan Steiff.
De Radvaz voegt hieraan toe:
“Geboden die heiligheid en reinheid vereisen… daar ben ik echter streng in en die sta ik niet toe.”
Het is belangrijk te beseffen dat de spirituele energieën die worden opgeroepen door het gebod van de tallit (of enig ander gebod) door een Jood, niet worden opgeroepen wanneer een niet-Jood hetzelfde gebod naleeft (zie Likutei Torah, Shemini Atzeret, 83b en Reshi Chochma, Shaar halra, hoofdstuk 4).
Het dragen van een talliet: is het verboden?
De Chatam Sofer schrijft (Chidushim over Talmoed Sjabbat 139b):
“Als iemand twijfelt of hij Joods is of niet (bijvoorbeeld in geval van twijfel over bekering) en niet weet of hij de sjabbat moet naleven, moet hij een tallit met tzitzit dragen en in het openbaar verschijnen. In elk geval, als hij Joods is, is er geen sprake van een heiligschennis van de sjabbat, omdat het een kledingstuk is. En als hij niet Joods is, wordt het voor hem niet als een kledingstuk beschouwd en lijkt het niet alsof hij de sjabbat heeft nageleefd.”
Hieruit kunnen we opmaken dat het voor een niet-Jood niet verboden is om een tallit te dragen. Anders zou de Chatham Sofer deze oplossing voor het gestelde probleem niet hebben gevonden.
Openbaar versus privégebruik van een talliet
Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen private en publieke contexten:
- Privé-instellingen: Het dragen van een tallit door een niet-Jood in privéomstandigheden is over het algemeen niet verboden, zoals halachische autoriteiten zoals de Chatam Sofer suggereren.
- Openbare omgeving: Het in het openbaar dragen van een tallit, vooral in een synagoge, kan tot verwarring leiden. Anderen zouden ten onrechte kunnen aannemen dat de persoon Joods is of hem of haar opnemen in een minyan, wat tot halachische fouten zou kunnen leiden.3
Bovendien verbiedt de Joodse wet het geven of verkopen van een tallit aan een niet-Jood, vanwege bezwaren die worden genoemd in Talmoed Menachot 43a.
Praktische aanbeveling
Als een niet-Jood tijdens het gebed een tallit wil dragen, geven halachische bronnen aan dat dit niet expliciet verboden is. Wel worden de volgende richtlijnen aanbevolen:
- Voorkom verwarring bij het publiek: Draag geen tallit in openbare gelegenheden om misverstanden te voorkomen.
- Wat de zegening betreftDit is duidelijk niet van toepassing. Als een niet-Jood besluit een tallit te dragen, hoeft hij of zij de zegen niet uit te spreken, aangezien de tekst zelf stelt dat degene die de tallit draagt een gebod vervult.
- Focus op de intentie: Het doel van het dragen van een tallit is niet om Joodse gebruiken na te bootsen of een nieuwe religieuze gewoonte te vestigen. In plaats daarvan worden niet-Joden aangemoedigd om eerbied te tonen tijdens het gebed door waardige, respectvolle kleding te dragen.
- Raadpleeg een rabbijn: Voordat een Noachiet Joodse gebruiken overneemt, dient hij altijd eerst advies in te winnen bij een rabbijn om er zeker van te zijn dat zijn handelingen in overeenstemming zijn met Gods wil.
Conclusie
Hoewel een niet-Jood tijdens het gebed een tallit mag dragen, is het geen gewoonte die aangemoedigd moet worden, zelfs niet in privé. Het dragen ervan in het openbaar kan leiden tot halachische en sociale misverstanden.
Door Angelique Sijbolts
Met dank aan Rabbi Tuvia Serber en Rabbi Tani Burton voor hun inbreng en feedback.
Bronnen en voetnoten
- Ja = 4600 10 80 10 80 = 600 + 8 + 5= 613 ︎
- Shulchan Aruch Kitshur hoofdstuk 9:1 ︎
- A minyan Een quorum van tien Joodse volwassenen (traditioneel mannen in de orthodoxe traditie, en mannen en vrouwen in sommige niet-orthodoxe gemeenschappen) is vereist voor bepaalde gemeenschappelijke gebeden en religieuze verplichtingen binnen het Jodendom. Het wordt beschouwd als het minimumaantal dat nodig is om een gemeenschap te vormen voor openbare erediensten, zoals het reciteren van de Kaddish of het lezen van de Tora. Deze praktijk benadrukt het gemeenschappelijke aspect van de Joodse eredienst en het belang van samenkomen voor gebed. ︎
Onze blogs kunnen tekst/quotes/verwijzingen/links bevatten die auteursrechtelijk beschermd materiaal bevatten van Mechon-Mamre.org, Aish.nl, Sefaria.org, Chabad.orgen/of VraagNoah.orgdie we gebruiken in overeenstemming met hun beleid.