בס"ד
De verbinding van Soekot met de naties en inzichten over vergeving
Dit is een korte samenvatting van een chassidische rede van de Rebbe, Rabbi Menachem Mendel Schneerson, uit 1965. Deze rede richt zich op het begrijpen van de offers die tijdens het Soekotfeest in de Tempel werden gebracht, die welzijn en zegeningen voor de volken van de wereld symboliseerden. Op het eerste gezicht lijken de feestelijke gebruiken van Soekot niets met niet-Joden te maken te hebben. De Talmoed biedt echter diepgaande inzichten in de 70 offers die tijdens Soekot in de Tempel werden gebracht. Elk offer vertegenwoordigde een natie, wat symboliseert dat Gods zegen van toepassing is op alle volken van de wereld. Hoewel Soekot in de eerste plaats de band tussen God en het Joodse volk benadrukt, heeft het ook een universeel aspect dat de verbinding met niet-Joodse volken onderstreept.
De Alter Rebbe en de Vonken van Goddelijkheid
De uiteenzetting verwijst naar de ideeën van de Alter Rebbe, de stichter van Chabad, gebaseerd op de leer van de Arizal, die stelt dat er vonken van goddelijkheid aanwezig zijn in alle scheppingen, inclusief alle mensen. We zien deze goddelijke vonken echter niet altijd, omdat ze "opgeslokt" worden. Dit wordt geïllustreerd door het verhaal van de droom van de farao over de magere koeien die de vette koeien opeten, maar zelf mager blijven. Twee niveaus van verfijning worden beschreven: (1) het goede uit het slechte halen en het slechte afwijzen, en (2) het slechte in het goede veranderen. Ieder mens kan "verfijnd" worden door zijn goede eigenschappen te verheffen en de slechte af te leggen, of door zelf dienaren van God te worden.
De vreugde der volkeren
Een vers uit de Psalmen dat wordt besproken (117:1-2De psalm zegt: "Loof Hashem alle volken enz., want Zijn grote goedheid rust op ons" (bedoelend het Joodse volk). Dit roept vragen op over waarom niet-Joden God zouden prijzen voor Zijn goedheid jegens Joden. De Lubavitcher Rebbe legt dit psalmvers uit door een verband te leggen met Soekot en de 70 stierenoffers die voor de volken worden gebracht, waarmee hij de vreugde en universaliteit van deze feestdagen benadrukt.
Om dit te begrijpen, moeten we echter beginnen bij Jom Kippur en de 13 eigenschappen van Gods genade.
De 13 eigenschappen van genade en de betekenis van Soekot.
De 13 eigenschappen van genade worden beschreven in Exodus 34:6-7, waar God Zijn karakter aan Mozes openbaart en Zijn genadige eigenschappen met hem deelt: Exodus 34:6-7:
| 6 En de HEER ging voor hem langs en riep uit: ‘De HEER, de HEER, God, barmhartig en genadig, lankmoedig en rijk aan goedheid en waarheid; | ו וַיַּעֲבֹר ד' עַל-פָּנָיו, וַיִּקְרָא, ד' ד', קאֵל רַחוּם וְחַנּוּן–אֶרֶךְ אַפַּיִם, וְרַב-חֶסֶד וֶאֱמֶת. |
| 7 'Hij betoont barmhartigheid tot in de duizendste generatie, vergeeft ongerechtigheid, overtreding en zonde, maar zal de schuldigen geenszins vrijspreken; hij bezoekt de ongerechtigheid der vaderen aan de kinderen en aan de kindskinderen, tot in de derde en tot in de vierde generatie.'’ | ז נֹצֵר חֶסֶד לָאֲלָפִים, נֹשֵׂא עָוֺן וָפֶשַׁע וְחַטָּאָה; וְנַקֵּה, לֹא יְנַקֶּה–פֹּקֵד עֲוֺן אָבוֹת עַל-בָּנִים וְעַל-בְּנֵי בָנִים, עַל-שִׁלֵּשִׁים וְעַל-רִבֵּעִים. |
Deze eigenschappen zijn bedoeld om te vergeven zonder enig lijden. Ze zijn vooral prominent aanwezig op Jom Kippur, de dag waarop God de zonden van het Joodse volk vergeeft zonder straf. Dit is een unieke gelegenheid voor de Joodse gemeenschap om zichzelf te zuiveren en zich opnieuw te verbinden met haar spirituele erfgoed.
Tijdens Jom Kippur betrad de hogepriester het heilige der heiligen en bracht wierookoffers, wat een grote brand veroorzaakte. wolk van rook die opsteeg naar het dak. Chassidische gedachten verklaren dat deze rook in spirituele zin het dak van de Soekka symboliseert (aangezien het dak van de Soekka in feite de wolken van de glorie die het Joodse volk omringde tijdens hun reis door de woestijn). Dit onderstreept de nauwe band tussen de vergeving die plaatsvindt op Jom Kippur en de vreugde die wordt ervaren tijdens Soekot.
De loutering van de volken kan pas beginnen nadat de zonden van het Joodse volk op Jom Kippur zijn vergeven. Zodra het volk gereinigd is, kan de verheffing van de volken in Soekot beginnen, wat zal leiden tot de uiteindelijke erkenning en lofprijzing van God door alle volken. Dit wordt bereikt door het offeren van 70 stieren gedurende Soekot.
De Talmoed legt uit dat op de eerste dag 13 stieren werden geofferd, op de tweede dag 12, enzovoort, tot er op de laatste dag nog maar 7 stieren overbleven. Deze geleidelijke afname van het aantal offers symboliseert de afnemende behoefte aan verzoening en de groeiende spirituele band met God.
De midrasj verbindt de 70 stieren met een verhaal over een koning die 70 prinsen uitnodigt om samen met hem een groots feest te vieren.
We komen nu echter bij een interessante vraag die de Rebbe opwerpt. Hoe kan het dat er in Soekot gesproken wordt over het uitnodigen van 70 koningen, terwijl er in de Zohar ook melding wordt gemaakt van de 7 Ushpizin – de 7 gasten – die de Soekka binnengaan? Dit lijkt een tegenstrijdigheid. Hij laat echter zien dat de Ushpizin – Abraham, Isaak, Jakob, Mozes, Aäron, Jozef en David – allemaal personen waren die op de een of andere manier de volken van de wereld verhieven. Neem bijvoorbeeld Abraham, die bekend stond om zijn gastvrijheid en zijn rol als brug tussen God en de volken. Hij nodigde vreemdelingen uit in zijn tent en inspireerde hen om God te prijzen.
De 70 stieren, de uitnodiging van de 70 prinsen en de 7 gasten dienen dus allemaal om de wereld te verheffen.
Conclusie
Soekot is daarom een feest dat de relatie tussen het Joodse volk en de naties van de wereld benadrukt. Het is niet alleen een tijd van vreugde voor Israël, maar ook een periode voor het herstellen van de 70 naties, en daarmee de wereld. Zowel de Joodse voorouders als de 70 naties – vertegenwoordigd door de 70 vorsten – zijn aanwezig in dit proces, en de verheffing van de heilige vonken uit de chaotische wereld is een belangrijk thema tijdens deze periode. Jom Kippoer en Soekot zijn met elkaar verbonden om de verlossing van de wereld te bewerkstelligen.
Dit leidt tot vreugde onder de volken, die blij zijn dat God het Joodse volk op Jom Kippur heeft vergeven, en het Joodse volk is blij dat ze op Soekot de heilige vonken uit de wereld hebben kunnen verheffen en naar God hebben kunnen brengen.
Kortom, de vonken van heiligheid in de 70 volken en daarmee in de hele wereld worden getransformeerd en verheven tot heiligheid. Met andere woorden, het Joodse volk verwerpt of vernietigt de 70 volken niet, maar zuivert en verheft ze juist.
In een volmaakte wisselwerking hebben God en Israël ervoor gezorgd dat de wereld een plek is geworden waar God kan wonen. Deze volmaakte wisselwerking wordt gevierd op Shemini Atzeret, waar God en Zijn volk samen de voltooiing van dit proces vieren.
Door Angelique Sijbolts
Met dank aan Rabbi Tuvia Serber voor de inspirerende lessen, feedback en input.
Bronnen:
© Copyright, alle rechten voorbehouden. Als je dit artikel leuk vond, moedigen we je aan om het verder te verspreiden.
Onze blogs kunnen tekst/quotes/verwijzingen/links bevatten die auteursrechtelijk beschermd materiaal bevatten van Mechon-Mamre.org, Aish.nl, Sefaria.org, Chabad.orgen/of VraagNoah.orgdie we gebruiken in overeenstemming met hun beleid.