10 Sivan 5783 – 30 mei 2023

Wanneer de Torah spreekt over berouw voor diefstal, staat er: "Zij zullen hun zonden belijden die zij hebben begaan..." (Numeri 5:7).

Deze zin had net zo goed kunnen luiden: "zij zullen hun zonden belijden" – de woorden 'dat zij deden' lijken overbodig.

Rabbi Yaakov Aharon van Alexander legde uit dat deze woorden niet verwijzen naar de zonde zelf, maar naar wat de persoon ertoe heeft aangezet om te stelen.

Het komt zelden voor dat iemand zomaar uit het niets begint met stelen. Meestal begint het met kleine overtredingen van de eerlijkheid of het zich toe-eigenen van andermans eigendom. Deze minuscule misstappen kunnen na verloop van tijd uitmonden in regelrechte diefstal.

De Rebbe van Alexander leert daarom dat het enkel bekennen van de zonde van diefstal niet voldoende is. De persoon moet nadenken over "wat hij/zij heeft gedaan" dat uiteindelijk tot de diefstal heeft geleid. Om effectief berouw te hebben, moeten deze voorafgaande stappen worden doorlopen.


Door Rabbijn Michael Skobac

© Copyright, alle rechten voorbehouden. Als je dit artikel leuk vond, moedigen we je aan om het verder te verspreiden.

Onze blogs kunnen tekst/quotes/verwijzingen/links bevatten die auteursrechtelijk beschermd materiaal bevatten van Mechon-Mamre.org, Aish.nl, Sefaria.org, Chabad.orgen/of VraagNoah.orgdie we gebruiken in overeenstemming met hun beleid.